Ja, sorry hoor. Kan ik ‘t helpen dat ik eraan verslaafd ben geraakt?
Maar het had niet veel gescheeld of u had een tijdje niks meer van me vernomen; ik heb deze week maar liefst twee keer in het ziekenhuis gelegen. Het begon vorige week vrijdagmiddag. M’n harretje geraakte opeens uit het gareel. Dat gebeurt me af en toe; ik heb sinds een jaar of dertig met enige (on)regelmaat last van hartritme-stoornissen. Daar slik ik (preventief) elke dag twee Tambocor pilletjes voor (tegen), en dat helpt. Maar niet altijd. Goed, die vrijdag begon het gesodemieter weer eens en ik begaf mij te bedde nadat ik twee extra tabletjes had geslikt. En verdomd, dat hielp! Na anderhalf uur was ik weer het ventje. Overigens is dat kantelmoment van aritmisch naar normaal altijd een nare sensatie; alsof je een paar seconden dood bent, zo voelt dat. Maar goed, ik heb me de rest van de dag wat rustig gehouden, maar ik voelde me oké. Totdat… een paar dagen later, maandagnacht om precies te zijn, het verschijnsel opnieuw optrad. Verdomme! Afijn, ik haalde weer twee pilletjes uit m’n ruime voorraad en probeerde weer in slaap te komen, in de hoop dat de situatie ‘s morgens weer normaal zou zijn; niet dus..! (Weet u tussen haakjes hoe dat voelt? Hartrime-stoornis? Dat voelt alsof er een stervende vogel in je borstkas fladdert; héél onaangenaam). Waar was ik, oh ja, kweetweer. Er zat niks anders op dan me te melden bij de EHBO van het Oosterschelde ziekenhuis. Na de verplichte voorbereidingen (bloed afnemen, hart-longen foto, infuus aanbrengen) werd ik in een superdeluxe sponde naar de afdeling hartbewaking getransporteerd. Aldaar werd een motorisch aangedreven spuit, gevuld met vloeibare Tambocor, aangesloten aan m’n linkerarm. Nog geen kwartier later had ik weer zo’n bijna-dood-ervaring, hetgeen aangaf dat m’n harretje gehoorzaamd had aan de opdracht netjes in het gareel te pompen. Twee uur later mocht ik weg. Godzijdank. Dinsdag voelde ik me prima, nog een beetje moe maar niks verontrustends.
Totdat ik in de nacht van dinsdag op woensdag om vier uur werd getrakteerd op alwéér een aanval; om gèk van te worden. (Dit wordt wel een lang verhaal, hè. Ik ga d’r nu wat sneller doorheen). Ditkeer kwam ik terecht op Intensive Care, omdat Hartbewaking vol was. Omdat ik thuis al heel veel Tambocor had geslikt, vond de cardioloog het niet raadzaam de behandeling van maandag te herhalen; in plaats daarvan kreeg ik een electroshock onder narcose. Dat hielp in één keer, in tegenstelling tot een vroegere ervaring. Wat wèl eender was, was de tijdsduur van de verkoevering; twee saaie uren. Maar ja, protocol is protocol. Néé, ik ben niet ondankbaar! Integendeel, alle lof voor de dames en heren der medische staf van het hospitaal.
Door al dat gelazer kwam ik nauwelijks toe aan m’n bezigheidstherapie: het rondje-reepje-loodje. Maar vandaag kan ik u dan toch met gepaste trots een nieuwe loot (leuk hè?) presenteren: komt ‘ie…

Eerder toonde ik u m’n voordeur; hier is het bovenlicht daarvan afgebeeld. Ik ben nog steeds geen volleerd meester in het solderen, maar ik maak vorderingen. Dat wilde ik u even laten weten.
Groet van Joho